De rente op de geld- en kapitaalmarkt wordt voornamelijk bepaald door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De verwachting is dat de rente de komende tijd iets zal dalen maar het is afwachten wat de effecten zijn van de Amerikaanse importheffing op Europese goederen. Dit heeft geen effect op onze huidige leningenportefeuille maar wel op nieuw aan te trekken geldleningen.
Risicobeheer
Voor de beheersing van de renterisico’s gelden twee concrete richtlijnen: de kasgeldlimiet en de renterisiconorm (beide benoemd in de Wet fido).
Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet voor gemeenten is het maximale bedrag van de korte termijn schuld, berekend als een percentage van het begrotingstotaal. Het doel van de kasgeldlimiet is om renterisico's op korte financiering te beperken. De korte financiering (gemiddelde vlottende schuld), over drie maanden gezien, is voor een gemeente gelimiteerd op 8,5% van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet heeft het volgende verloop:
- Kasgeldlimiet 2024 € 6,3 miljoen
- Kasgeldlimiet 2025 € 7,5 miljoen
- Kasgeldlimiet 2026 € 7,0 miljoen
Renterisiconorm
De renterisiconorm heeft betrekking op het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente op de rentelasten van de lange termijn financiering. De renterisiconorm stelt dat de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen samen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.
Voor 2026 staat € 3,1 miljoen aan aflossingsverlichtingen op het programma en blijven we binnen de norm. De leningenportefeuille bestaat eind 2026 uit 6 leningen met een restant looptijd van 8 tot 18 jaar. Hierop vindt een jaarlijkse aflossing tot einde looptijd plaats. Hoe meer de aflossing van de schuld in tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor rentewijzigingen.
Hoewel de Europese Centrale Bank onlangs een renteverlagingscyclus is gestart, blijven de rentekosten voor nieuwe langlopende geldleningen een aandachtspunt voor gemeenten. Het stabiel houden van de schuldpositie is en blijft een ambitie voor de komende periode. In de komende jaren verwachten we dat we een nieuwe langlopende geldlening moeten afsluiten voor de financiering van voorgenomen investeringen in bijv. het IHP, verduurzaming gebouwen en de jaarlijkse opgaven vanuit het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen.
De gemiddelde rente op de huidige leningenportefeuille bedraagt 0,89%. Voor nieuwe langlopende leningen (30 jaar) bedraagt het huidige percentage rond de 3,2%.